De Mouxderschoot

Johan Cruijff leerde ons dat elk nadeel z’n voordeel heb (want zo zei hij het: ‘Ieder nadeel heb z’n voordeel’). Dat is waarschijnlijk zijn meest geciteerde uitspraak, en hij is in ieder geval het meest waar.

Ook nú in deze bange dagen van angst en isolement, want als gevolg daarvan gedijt, als een tegenbeweging, de saamhorigheid. Er wordt gebeld en ge-appt, ge-smst en ge-facebookt, er worden kaarten verstuurd (al dan niet virtueel) en kussen gegeven (alleen maar virtueel) en iedereen die je spreekt hoopt wanhopig dat het, ook als deze beroerde b-film over is, zo blijft.

In Moux zijn we niet zo virtueel, ofschoon de facebook-pagina van de gemeente zeer druk wordt bezocht. Nee hier, op onze bult in de Morvan, doen we – ondanks alle strenge regels, die wel degelijk worden gerespecteerd – alles op z’n ouderwets. Na de eerste schrik van de total lock down (‘le confinement’), toen je aanvankelijk niemand meer op straat zag, zie je nu steeds meer mensen hun dagelijkse boodschappen doen. En dan niet bij de grote supermarkten in Saulieu en Autun, want daar is de kans op besmetting relatief groot. Nee, de inwoners van Moux en omgeving keren terug naar hun vertrouwde buurtsuper. Daar staat Véronique, gewapend met plastic handschoenen, mondkapje en sinds gisteren zelfs een soort laskap van plexiglas, zich in het zweet te werken om alle bezoekers één voor één te bedienen van achter haar met kisten gebarricadeerde toonbank. Dat is mooi om te zien, zoals mensen terugkeren naar de moederschoot. Of eigenlijk: de Mouxderschoot…

Vanzelfsprekend zijn de restaurants en cafés nog gesloten, maar ook daar ontstaat toch reuring. Monsieur William, de oude chef van restaurant Beau Site, trekt iedere dag zijn hagelwitte buis weer aan om de heerlijkste gerechten te bereiden. Slakjes in bladerdeeg, varkenspaté met foie gras, snoekbaars in beurre blanc en coq au vin, ze komen allemaal geurend uit zijn keuken. Niet om ter plekke ter tafel te toveren, maar om mee te nemen naar huis.

En CoCo van La Picherotte, zet zondagochtend haar enorme grill op het terras voor de zaak en laat er twintig scharrelkippen hun rondjes draaien, tot de goudbruin en knapperig zijn. Verder komen jagers aandragen met stukken wild (het jachtseizoen is nog maar net gesloten) en heeft bakker Yann in opdracht van de gemeente bijna 100 éclaires gebakken, die door burgemeester Pascal en ondergetekende als ‘Bisous de Moux’ (Kussen van Moux) zijn uitgedeeld aan alle inwoners vanaf 70 jaar.

Het mooie is dat iedereen meedoet aan deze saamhorigheid. Natuurlijk lopen we collectief te tobben over hoe het straks verder moet, in een regio die zó afhankelijk is van het toerisme. En toch gaan de Fransen niet en masse op hun centen zitten, ook niet als ze die nauwelijks hebben. Nee, ze gaan júist naar Beau Site om een maaltje te halen voor de zondagmiddag. Ze kloppen júist aan bij CoCo voor een kippetje en misschien een verholen glas wijn. Ze kopen júist allerlei lekkers bij kaasboer, bakker en buurtsuper.

Ook wij doen daar – onze zorgen om Bellevue ten spijt – aan mee. Enerzijds om het moreel hoog te houden, maar zeker ook om elkaar te helpen. Het is een soort ruilhandel, want straks, als le confinement wordt opgeheven, hebben we elkaar ook weer nodig. Dan willen we weer uit eten bij Monsieur William en zijn zoon Arnaud. Dan willen we weer een glas bubbels drinken aan de bar van CoCo. Dan moeten we dus allemaal nog wel bestaan.

Want Cruijff zei ook: ‘Winnen doe je met z’n allen’.