Bellevue 58 revisited

‘Ik denk dat het een voorbode is van iets dat nog moet komen. (…) Misschien staan we aan de vooravond van een verwoesting.’ Dat zegt Bob Dylan over de pandemie van Covid19, in een zeldzaam interview dat eerder deze week – vertaald – werd afgedrukt in Het Parool.

Een vrolijk nootje is het natuurlijk (bijna) nooit geweest, Nobelprijswinnaar Dylan. Maar gelukkig schreef hij ook ‘The times they are a-changing’, waarmee hij dan weer aangeeft dat ook zijn sombere visie op corona wel veranderen zal. Of, zoals mijn oude baas Geert (net iets minder invloedrijk dan His Royal Bobness) altijd zei: ‘Als er één ding niet meer anders wordt, dan is het dat alles alleen nog maar anders wordt.’

Hoezeer is het leven in Bourgondië dan veranderd sinds maart van dit jaar? En, meer ingezoomd, het leven op Bellevue? Zeker, in de eerste weken van de pandemie was het straatbeeld in Moux – waar ik mij maar even toe beperk, want buiten de gemeentegrenzen mocht je niet –  compleet gewijzigd. Dat kwam deels door de grootscheepse verbouwing van het centrum van ons dorp, waar ook al alles anders wordt. Maar dat maakte niet dat je je er een vreemde voelde. Nee, er was geen mens op straat?!? En als je al een sterveling zag, dan gedroeg die zich schichtig, al kon je de grimas op ’t gelaat niet zien door het masker. Het was opeens een kille wereld, zonder praatjes tijdens het wachten bij de bakker, zonder klapzoenen en handdrukken bij de kaaswinkel, zonder vertrouwen.

Na pakweg een halve maand zag je de veerkracht van de bewoners. Zoals overal begonnen de restaurants afhaalmaaltijden te bereiden voor de dorpelingen. Mensen wachtten geduldig voor de bakkerij van Yann en Karine, terwijl ze door hun mondkapjes toch weer praatjes maakten. En de schappen in de buurtsuper van Véronique lagen redelijk vol, al was er nog steeds geen wc-papier.

Nog weer een maand later bleek het leven nog meer genormaliseerd. Dat heeft deels te maken met ons aanpassingsvermogen: ook aan ‘anders’ raak je gewend. Aan die verdomde mondkapjes bijvoorbeeld, die dan inmiddels door de gemeente aan alle bewoners zijn uitgereikt. Dat kan dus hè, in een dorp van nog geen zeshonderd zielen. Het werk aan de dorpskern was hervat, wat de levendigheid ten goede kwam. Bovendien dronk je alweer een glaasje aan de bar van Beau Site, waar je op zondag sowieso heen moest voor zo’n afhaalmaaltijd. En we konden opnieuw lachen, óók om corona.

Eind mei kwam dan het verlossende woord van Macron: we mochten gauw weer op pad, zonder een papier op zak om te legitimeren dat je buiten was. Feu vert! kopte de regionale krant: groen licht!

Inmiddels is de samenleving nog verder opgeveerd. Restaurants zijn weer open (bij binnenkomst wel even een mondkapje op), terrassen verleiden passant tot een glas rosé, musea poetsen hun inboedel op en – niet onbelangrijk in de Bourgogne – je kunt weer een cave in om wijn te proeven.

En dan toch nog even inzoomen op ons bescheiden landgoed… Vanaf morgen zijn we weer open voor onze gasten. Bellevue 58 revisited. Waarbij we uiteraard onze verantwoordelijkheid nemen als herbergvader en -moeder. De bekende mores op en rond het erf is dus aangepast. Er worden geen handen geschud of zoenen uitgedeeld en de onderlinge afstand bedraagt – zoals overal in Frankrijk – één meter. Dat betekent dat we niet meer samen aan de lange stamtafel zitten, maar aan aparte bistro-zitjes op het erf of in onze ‘Cuistro’.

Wat allemaal niet wegneemt dat ook onze gasten hun verantwoordelijkheid zullen moeten nemen. En dat begint al thuis, in Nederland.Want wéét dat je kerngezond moet zijn om op reis te gaan. Veel mensen dromen ervan om op Bellevue in quarantaine te geraken – mag het iets langer zijn dan twee weken? – maar de werkelijkheid is ongetwijfeld weerbarstiger dan dit droombeeld. Bovendien moeten we er niet aan denken dat andere gasten op Bellevue worden aangestoken, dat het dorp opeens niet langer corona-vrij is of dat wijzelf uit de boom vallen.
Mark Rutte zei al dat iedereen ‘wijs op reis’ moet gaan, omdat hulp vanuit Nederland niet zal worden gegeven en iedereen dus zijn of haar eigen boontjes dient te doppen. Verder helpt de site van de overheid bij het nemen van beslissingen ten aanzien van wel of niet gaan: (https://www.nederlandwereldwijd.nl/landen/frankrijk/reizen/reisadvies).

Maar staat het licht dan eenmaal op groen, dan zijn jullie ook méér dan welkom op onze bult in de Morvan.
The times they are a-changing, maar we gaan elkaar (weer) te zien!