Vandaag, Pinksterdrie

Vandaag is het Pinksterdrie in de Zaanstreek. Na een eerste en een tweede, dus ook nog eens een dérde pinksterdag. Een beetje een pinkstergemeente, zogezegd.

Dat de Zaankanters die derde dag hebben, komt door de Tachtigjarige Oorlog. In het voorjaar van 1574 hielden de Spanjaarden de sluizen en de dam in de Zaan ter hoogte van Zaandam bezet. Op eerste pinksterdag van dat jaar, slaagde een Hollandse soldaat erin maar liefst dertien Spanjaarden gevangen te nemen, die hij – met een touw om de hals! – meenam naar Wormer. Het moet het moreel van de bezetters een knauw hebben gegeven, want de volgende dag, tweede pinksterdag dus, werd er fel strijd geleverd rond dam en sluizen en konden de Spanjaarden uiteindelijk worden verdreven. Reden om een dag later Pinksterdrie dus, bevrijdingsfeesten te vieren in de Zaanstreek, die tot op de dag van vandaag voortduren. Nu ja, op derde pinksterdag hè, niet doorlopend…

Ook op Bellevue wordt Pinksterdrie gevierd. Vandaag dus, met een lunch op het terras van het aanpalende Beau Site en een borrel vooraf bij CoCo van La Picherotte in het dorp… Maar waarom dan, want toch geen Zaankanters, die Jurriaan en Elly? Nee, het was op Pinksterdrie in 1998 dat we ons huis kochten.

We hadden er al een paar dagen omheen lopen draaien. De moeder van Elly was gebeld of ze in de toekomst niet wilde meeverhuizen, want Elly kon haar met geen mogelijkheid alleen achterlaten. Een nachtje heeft ze erover geslapen en toen we de volgende dag belden vanuit een telefooncel bij de camping (mobieltjes hadden we nog niet), sprak ze de onsterflijke woorden: ‘Ja hoor kind, het is goed.’

Mijn moeder was eveneens gebeld, want haar huis in Heemskerk moest als onderpand gelden voor een bescheiden hypotheek, die we nodig hadden om Bellevue te kopen. Ook zij vond het best. Verder moesten we de bewoners van toen, Henri Boulle en zijn Jolande, beloven dat zij tot hun overlijden mochten blijven wonen in wat nu het vakantiehuis ‘Marrakech’ is. Dat vonden wij dan weer best, als zij dan zouden beloven dood te gaan. Dat deden ze.

 

En zo kon het gebeuren dat we op de dinsdag aan het einde van onze voorjaarsvakantie, Pinksterdrie dus, met de oude eigenaar handjeklap stonden te doen op het erf van Maison Bellevue. We werden het eens, kusten elkaar en verder álle Fransen op de goede afloop, en de rest is geschiedenis. We waren de trotse eigenaren van een maison bourgeoise. Nu ja, eigenlijk meer een verlopen herenboerderij, waarvan mijn wijze oude vader heel diplomatiek zei dat het wel ‘een boodschap had gedaan’. Nou, als je na 22 jaren in dit leven de oude foto’s van onze grote vriend Peter Schat weer terug ziet, kun je wel stellen dat we een roze bril op hadden op die derde pinksterdag.

De moeder van Elly is er overigens herhaaldelijk geweest, ook al heeft zij er nimmer gewoond. Ook mijn moeder en vader bezochten Bellevue. De eerste met een glas sherry in de hand (daar heb ik dat van), de laatste met zijn werkkleding aan, ook al was hij al te zwak voor noeste arbeid. Dus schilde hij in z’n overall de aardappels voor ons allemaal…

Zo is ons goede huis een tempel van herinneringen. Aan alle werk dat we er verrichtten met familie en vrienden. Aan Henri en Jolande, die zich inderdaad aan de afspraak hielden. Aan alle gasten die we er mochten ontvangen. Aan alle gasten die vrienden werden. Aan de muziek die we er maakten, de glazen die we er dronken en de verhalen die we er vertelden. Kortom, aan het geluk dat we er samen deelden.

En dan nu naar de kroeg, om dat geluk te vieren. Proost, op Pinksterdrie!

Bron: IsGeschiedenis.nl